Hoe hoog is de transitievergoeding?


De hoogte van de transitievergoeding wordt berekend over het volledige dienstverband (vanaf 1-7-2015).

  • Gedurende de eerste 10 jaren heeft de werknemer recht op 1/6 bruto maandloon per periode van 6 maanden dat hij heeft gewerkt. 
  • Daarna heeft de werknemer recht op 1/4 bruto maandloon over elke periode van 6 maanden dat hij heeft gewerkt. 
  • De vergoeding in het nieuwe ontslagrecht krijgt een bovengrens. De maximale vergoeding is € 75.000 bruto. Als de werknemer meer dan € 75.000 per jaar verdient, is de vergoeding maximaal 1 jaarsalaris. 

Natuurlijk zijn er uitzonderingen:
  1. Oudere werknemers
    Tot 2020 geldt een gunstigere ontslagvergoeding voor werknemers indien ze 10 jaar of langer in dienst zijn en ouder dan 50 zijn en de onderneming meer dan 25 medewerkers in dienst heeft.
    De regeling is dan als volgt: Over de jaren ná hun vijftigste geldt een ontslagvergoeding van 1/2 bruto maandloon per 6 maanden dienstverband.
    Let op: ook voor deze groep 'oudere' werknemers geldt de hierboven genoemde maximale vergoeding van €75.000, of het jaarsalaris indien dat meer dan €75.000 bedraagt. 
  2. Economische redenen en 25 of minder werknemers
    Voor MKB-bedrijven met maximaal 25 werknemers zal voorlopig een lagere ontslagvergoeding gelden. Die regel komt er op neer dat arbeidsjaren voor 2013 niet moeten worden meegerekend bij het bepalen van de transitievergoeding. Deze uitzondering geldt evenwel alleen in geval van ontslag om bedrijfseconomische redenen, waarbij werkgever een slechte financiële situatie kan aantonen. 

Hoe bepaal je de jaren van opbouw?
De jaren die worden opgebouwd voor de ontslagvergoeding gelden alleen vanaf 18 jaar. Stel de medewerker is bijna 27 jaar oud en werkt al 10 jaar voor hetzelfde bedrijf, dan wordt de ontslagvergoeding over 9 jaar berekend.
De perioden van 6 maanden worden niet afgerond. Alleen verstreken perioden tellen mee. 

Aftrekposten
U kan de kosten van bijvoorbeeld outplacement of scholing aftrekken van de vergoeding. Deze kosten moeten zijn gemaakt met oog op het ontslag en in overleg met de werknemer. Dit geldt alleen als de 
werknemer hiermee instemt.  

Geen transitievergoeding
Er hoeft geen transitievergoeding te worden betaald als: 
  • De medewerker jonger dan 18 jaar is en 12 uur of minder per week werkt 
  • Het bedrijf failliet is, onder curatele staat of in de schuldsanering zit 
  • Voor medewerkers met de pensioengerechtigde leeftijd of hoger 
  • Ontslag wegens ernstig verwijtbaar handelen/nalaten. Een ontslag op staande voet valt hier natuurlijk ook onder. 
  • De medewerker korter dan twee jaar in dienst is en geen vast contract heeft.
  • De medewerker zelf ontslag neemt.

Rekenvoorbeeld
Een medewerker heeft een tijdelijk contract bij u van 01-03-2013 tot en met 31-03-2014. Zijn loon bedraagt bruto €2400,- (inclusief vakantietoeslag).
Hij werkt opnieuw in loondienst voor uw organisatie van  01-09-2014 tot en met  31-10-2015.
U laat in augustus weten zijn contract niet te verlengen. U moet dan een transitievergoeding betalen. 
De reden is dat het contract niet verlengd is op uw initiatief en de medewerker heeft langer dan 2 jaar voor u gewerkt. Er is wel sprake van een tussenpoos, maar deze is korter dan 6 maanden.

Voor de berekening van de transitievergoeding dienen de twee tijdelijke contracten daarom bij elkaar opgeteld te worden.
De tussenpoos telt niet mee. 
De hoogte van de transitievergoeding wordt als volgt berekend:
Bij de berekening van de transitievergoeding moet worden uitgegaan van een dienstverband van 1 jaar en 13 maanden (12 maanden + 13 maanden). 
De transitievergoeding bedraagt in dit geval 1/6 van het maandloon voor elke periode van zes  maanden dat de arbeidsovereenkomst heeft geduurd. Dit geeft (12+13)/6 = 4 (de ene maand hoeft niet meegenomen te worden) 
De medewerker heeft recht op een transitievergoeding van 4 x 1/6 x €2400,- = €1200,-