Hoe wordt de verlof- en atv-opbouw berekend?

Hoe wordt de verlof- en atv-opbouw berekend?

Het verlof van medewerkers wordt in Humanwave per kalenderjaar berekend. 

Wanneer het contract van een medewerker niet over een volledig kalenderjaar loopt, wordt de verlofopbouw berekend op basis van het aantal werkzame maanden binnen het betreffende kalenderjaar. 
Wanneer het contract van een medewerker bijvoorbeeld loopt van augustus 2020 tot juli 2021, wordt in de planning van de medewerker het aantal verlofdagen getoond waar hij of zij in 2020 recht op heeft. Met ingang van het nieuwe kalenderjaar wordt ook de nieuwe verlofopbouw berekend. In dit geval van januari tot juli 2021.

De medewerker hoeft niet elke maand verlof op te sparen. Met ingang van het contract worden alle verlofdagen waar de medewerker recht op heeft getoond. De medewerker kan zijn/haar verlofdagen aanvragen wanneer de medewerker dit wenst. Hoe dit in zijn werk gaat, is terug te vinden in de andere helpfiles.

Bij de berekening van de verlofopbouw kijken we naar verschillende parameters:
  1. Fte van de medewerker
  2. Het verlofrecht van de medewerker (Dit wordt op jaarbasis vastgelegd op basis van een fulltime contract). Hier maak je de keuze of het verlof wordt opgebouwd op basis van gewerkte uren of op basis van de contracturen. In deze helpfile wordt uitgegaan van een verlofopbouw op basis van contracturen. Op zoek naar verlofopbouw op basis van gewerkte uren, bekijk dan de helpfile: "Hoe wordt verlof op basis van gewerkte uren berekend?"
  3. Het aantal maanden dat de medewerker een actief contract heeft in het jaar.
Het verlofrecht wordt op de volgende manier berekend:
Verlofrecht / 12 * FTE * Aantal maanden actief in het betreffende jaar.

Bij de berekening van de atv-opbouw kijken we naar dezelfde parameters:
  1. Fte van de medewerker
  2. Het atv-recht van de medewerker op jaarbasis bij een fulltime contract. 
  3. Het aantal maanden dat de medewerker een actief contract heeft in het jaar. 
Ook de berekening is gelijk aan elkaar. 

Klopt de verlofopbouw van een medewerker niet? Lees dan verder in deze helpfile.
Een andere vraag over verlof? Lees dan onze meest gestelde vragen



Hier onder vind je een drietal rekenvoorbeelden hoe je het verlof kunt narekenen in verschillende situaties.

Voorbeeld 1:
Een nieuwe werknemer begint op 10 oktober. Hij heeft een fte van 1 (40 uur per de week). Zijn verlofopbouw is 200 uren (25 dagen) op jaarbasis, waarvan 160 uur wettelijk verlof en 40 uur bovenwettelijk verlof. Hoeveel verlofuren heeft deze nieuwe werknemer tot het einde van het jaar?

Wettelijke verlofuren

Allereerst bereken je het aantal wettelijke verlofuren per maand:

  1. 160 / 12 = 13,33 wettelijke verlofuren per maand.

De werknemer begint 10 oktober, dus er blijven nog 2 volle maanden over tot het einde van het jaar (november en december). Daarom moet het aantal wettelijke verlofuren per maand vermenigvuldigd worden met 2.

  1. 2 * 13,33 = 26,67 wettelijke verlofuren per twee maanden (november en december).

Vervolgens dient er verlof berekend te worden voor het aantal dagen resterend in de maand oktober. In het geval van de werknemer die 10 oktober begint krijg je:

  1. 13,33 * ( 31 - 10 + 1 ) / 31 = 9,4623 wettelijke verlofuren resterend in de maand oktober.

Wanneer je de maanden optelt bij het verlof resterend in de maand oktober krijg je:

  1. 26,67 + 9,46 = 36,13 wettelijke verlofuren tot het einde van het jaar. 
Bovenwettelijke verlofuren

Hier voeren we dezelfde berekening uit als hierboven beschreven, alleen gebruiken we dit keer 40 verlofuren i.p.v. 160. Dit zijn de bovenwettelijke verlofuren. 

  1. 40 / 12 = 3,33

De werknemer begint 10 oktober, dus er blijven nog 2 volle maanden over tot het einde van het jaar (november en december). Daarom moet het aantal bovenwettelijke verlofuren per maand vermenigvuldigd worden met 2.

  1. 2 * 3,33 = 6,67 bovenwettelijke verlofuren per twee maanden (november en december).

Vervolgens dient er verlof berekend te worden voor het aantal dagen resterend in de maand oktober. In het geval van de werknemer die 10 oktober begint krijg je:

  1. 6,67 * (31-10+1)/31 = 2,36 bovenwettelijke verlofuren resterend in de maand oktober.

Wanneer je de maanden optelt bij het verlof resterend in de maand oktober krijg je:

  1. 6,67 + 2,36 = 9,03 bovenwettelijke verlofuren tot het eind van het jaar.

Totaal verlof resterend in het jaar

Tel het bovenwettelijk verlof op bij het wettelijk verlof en u heeft het totaal aantal verlofuren tot het einde van het jaar.

36,13+ 9,03 = 45,16 verlofuren tot het einde van het jaar.


Voorbeeld 2:
Een werknemer had in 2019 een fte van 1 en gaat in 2020 naar een fte van 0,7. Hij heeft recht op 220 verlofuren per jaar en hij is nog precies 7 maanden in dienst. Hoeveel verlofuren krijgt deze medewerker in het jaar 2020 voor de tijd dat hij nog in dienst is?

Allereerst berekent je het aantal verlofuren per maand (zowel wettelijk als bovenwettelijk):

  1. 160 / 12 = 13,33 wettelijke verlofuren per maand.
  2. 60 / 12 = 5 bovenwettelijke verlofuren per maand

Vervolgens tel je deze twee bij elkaar op om het totale verlof per maand te krijgen:

  1. 13,33 + 5 = 18,33

Vermenigvuldig het aantal verlofuren per maand met 7. Dit doe je omdat de werknemer nog 7 maanden in dienst is.

  1. 18,33 * 7 = 128,33 verlofuren voor 7 maanden dat de werknemer nog in dienst is.

Dit getal is gebaseerd op 1 fte. De werknemer gaat naar 0,7 fte, dus dient de verlofopbouw vermenigvuldigd te worden met 0,7. 

  1. 128,33 * 0,7 = 89,83 verlofuren voor 7 maanden bij 0,7 fte.

Voorbeeld 3:

Een werknemer heeft een verlofrecht van 210 uur (160 wettelijke verlofuren en 50 bovenwettelijk verlofuren) op jaarbasis bij 1 fte. De werknemer heeft een fte van 0,25 en is in dienst vanaf 20 maart. Bereken zijn totale verlofopbouw tot het einde van het jaar.

Wettelijke verlofuren

Allereerst bereken je het aantal wettelijke verlofuren per maand:

  1. 160 / 12 = 13,3333 wettelijke verlofuren per maand.

De werknemer begint 20 maart, dus er blijven nog 9 volledige maanden over. Het aantal wettelijke verlofuren per maand moeten dus vermenigvuldigd worden met 9:

  1. 13,33 * 9 = 120 wettelijke verlofuren per 9 maanden.

Vervolgens dient er verlof berekend te worden voor het aantal dagen resterend in de maand maart. In het geval van de werknemer die 20 maart begint krijg je:

  1. 13,33 * ( 31 - 20 + 1 ) / 31 = 5,16 wettelijke verlofuren resterend in de maand maart.

Wanneer je het aantal wettelijke verlofuren resterend in de maand maart optelt bij het aantal wettelijke verlofuren van de 9 maanden dat de werknemer in dienst is tot het einde van het jaar, krijg je:

  1. 120 + 5,16 = 125,16 wettelijke verlofuren tot het eind van het jaar.

Bovenwettelijke verlofuren

Allereerst bereken je het aantal bovenwettelijke verlofuren per maand:

  1. 50 / 12 = 4,17 bovenwettelijke verlofuren per maand.

De werknemer begint 20 maart, dus er blijven nog 9 volledige maanden over. Het aantal bovenwettelijke verlof uren per maand moeten dus vermenigvuldigd worden met 9:

  1. 4,17 * 9 = 37,5 bovenwettelijke verlofuren per 9 maanden.

Vervolgens dient er verlof berekend te worden voor het aantal dagen resterend in de maand maart. In het geval van de werknemer die 20 maart begint krijg je:

  1. 4,17 * ( 31 - 20 + 1 ) / 31 = 1,61 bovenwettelijke verlofuren resterend in de maand maart.

Wanneer je het aantal bovenwettelijke verlofuren resterend in de maand maart optelt bij het aantal bovenwettelijke verlofuren van de 9 maanden dat de werknemer in dienst is tot het einde van het jaar, krijg je:

  1. 37,5 + 1,6130 = 39,11 bovenwettelijke verlof uren tot het eind van het jaar.
Totaal verlof resterend tot einde van het jaar

Tel het aantal wettelijke verlofuren op bij het aantal bovenwettelijke verlofuren:

  1. 39,11 + 125,16 = 164,27

Het totaal aantal verlofuren voor de rest van het jaar is nu berekend bij 1 fte. De werknemer had echter een fte van 0,25. Het totaal aantal verlofuren moet vermenigvuldigd worden met 0,25:

  1. 164,27 * 0,25 = 41,07 verlofuren tot het eind van het jaar bij 0,25 fte. 


    • Related Articles

    • Hoe werken historische vervaldata (wettelijk en bovenwettelijk verlof uit eerdere jaren)

      Bij een jaarovergang moet het wettelijk en het bovenwettelijk verlof uit eerdere jaren opnieuw worden bepaald. Welke uren zijn nog van toepassing in het nieuwe jaar en welke uren komen in aanmerking om te vervallen? In deze helpfile worden de ...
    • Hoe werkt de verlofopbouw bij nul-urencontracten?

      Medewerkers met een nul-urencontract of een oproepcontract hebben net als andere medewerkers recht op opbouw van verlofuren. Echter zijn er andere regels omtrent verlofopbouw dan medewerkers met een vast contract. Bij 'nul-uurders' kan het verlof ...
    • Hoe wordt verlof op basis van gewerkte uren berekend?

      In Humanwave kan je het verlof op verschillende manieren instellen. Wanneer je een medewerker hebt met een flexibel contract dan kan je Humanwave zo instellen dat het verlof ook flexibel wordt opgebouwd. Het verlof stel je dan in op basis van ...
    • Rapport: Wettelijk en bovenwettelijk verlof per medewerker

      Het rapport 'Wettelijk en bovenwettelijk verlof per medewerker' geeft je direct inzicht in de openstaande verlofpotjes van de medewerkers en of er verlof mag komen te vervallen omdat de vervaldatum nadert of al gepasseerd is.  Let op: Wijs de ...
    • Hoe pas ik de vervaltijd van de ATV opbouw aan?

      Bij de instellingen van ATV, kun je aangeven na hoeveel jaar de opbouw moet komen te vervallen. Je kan hier kiezen voor 0 jaar (het verlof verloopt het huidige verlofjaar), 1 jaar, 2 jaar of 3 jaar.  Stap 1 Ga via Start naar de Instellingen, en klik ...